Sta Hungry Stay Foolish

Stay Hungry. Stay Foolish.

A blog by Leon Oudejans

Kramperen (2) …….

Intro LO:

Afgelopen zondag las ik een interessante opinie in dagblad Trouw: De vrijheid van het camperleven is in de afgrond verdwenen (zie tekst hieronder). Het Trouw artikel sluit trouwens aan bij mijn blog van maandag: Kramperen.

Tevens sluit onderstaand Trouw artikel goed aan bij dit nieuws:

Mogelijk verklaart dit nieuws ook de snelle opkoop van zelfstandige campings door allerlei investeerders (o.a. PZC-2025, NRIT-2023). Waarschijnlijk mede als gevolg van relatief rijke senioren in relatief krappe appartementen, zonder tuin.

Ik ken zelfs een stel dat een huis verkocht, en van de verkoopopbrengst een vrij luxe caravan kocht met een vaste (jaar) staanplaats, en bovendien een klein appartement huurt in een stad.

Onderschat de jaarlijkse huurkosten van een vaste staanplaats trouwens niet: circa 2,000 euro. Het voordeel is dat je niet hoeft te reserveren. Je bent welkom van april tot oktober (6 maanden).

Een appartement of hotel rekent een gemiddelde dagprijs van €100. In vergelijking met een vaste staanplaats van 2.000 euro zou je dan 20 (1p) tot 40 (2p) nachten kunnen blijven. Ik kies nog altijd voor het comfort van een hotel in plaats van een camping, met name afwas, douche en toilet.

Mijn berekening hierboven betreft slechts de kasuitgaven en niet de jaarlijkse afschrijvingskosten van een camper of caravan en de vervolgaankoop van een voortent alsmede extra luifels.

Kamperen wordt dan al snel kramperen – financieel gezien.

Noot: alle markeringen (bolditaliconderstreept) door LO tenzij in quotes of anders aangegeven.


De vrijheid van het camperleven is in de afgrond verdwenen (Trouw)

Ondertitel Trouw: Ze zochten de romantiek van het camperleven, maar dat romantische is verdwenen, schrijft camperaar Pascal Meyer.

Datum: 6 augustus 2025
Door: Pascal Meyer, docent Nederlands


Dit is een ingezonden opiniestuk. Het standpunt in dit artikel is niet per definitie ook het standpunt van Trouw.


“Wat waren we trots. We hadden een camper gekocht, een klein rijdend huisje waarmee we dachten ongebonden de wijde wereld in te trekken. Vrijheid, avontuur – eindelijk weg van alle regels en planningen. Maar de werkelijkheid? Die pakte anders uit. De vrijheid die we verwachtten, bleek steeds vaker een illusie.

De eerste vakanties voelden inderdaad als kleine overwinningen: we stonden ’s morgens op zonder te weten waar we ’s avonds zouden eindigen, we waren niet gebonden aan reserveringen of ontbijttijden, we hoefden niet te klagen over een vieze hotelkamer. We konden gewoon gaan en staan waar we wilden, zonder gedoe.

Een berg aan regels

Maar al snel stuitten we op de harde realiteit: de campings die maanden van tevoren al waren volgeboekt, honden die werden geweerd, verbodsborden die campers na zes uur ’s avonds uitsloten, milieuzones waar onze Hymer dieselcamper niet meer welkom was – en een berg aan regels en reserveringen.

Onze camper is een diesel Euro 3, een norm uit het begin van deze eeuw om luchtvervuiling te beperken. Veel oudere campers stoten te veel schadelijke stoffen uit en worden daarom steeds vaker geweerd uit milieuzones in steden. We kunnen nog reizen, maar vaak alleen buiten de stad, met vergunning en een flinke dosis geluk. Vrijheid, maar met beperkingen.

Het enige wat nog enigszins avontuurlijk is, is de kunst om met onze oude Hymer zo min mogelijk gasten te vergiftigen. Daarom waarschuwt mijn vriendin buren al voordat we aankomen. De hond heeft gelukkig nog niet ontdekt hoe ze op het uitklapbed bij het stuur kan komen – dat scheelt chaos. En doordat de koppeling van dit oude model hapert, voel ik me soms een menselijke aandrijving.

Netjes tussen de andere campers

Maar dit is geen romantisch verhaal. Het camperleven heeft aan romantiek ingeboet. Uiteindelijk gebruiken we onze camper steeds meer als een gehuurd huisje op een camping. Waar hij netjes tussen de andere campers staat, met stroom en water, waterpas gezet. Hij rijdt, maar we rijden nauwelijks. Want ja, hij was duur. Dus je móét er iets mee. Net als mensen die in coronatijd een hond namen voor de gezelligheid, en zich later afvroegen wie er elke ochtend om zes uur naar buiten zou gaan. Alleen kun je een camper niet naar het asiel brengen.

De romantiek? Die zit vooral in de wilde verhalen bij de aanschaf. Zelf rijden, zelf de wc legen, zelf het grijswater lozen – en hopen dat je op tijd een plekje vindt. De harde werkelijkheid is dus dat onze camper als een huurhuis op wielen voelt: iedereen zit binnen, met de jaloezieën dicht, tv kijkend via de schotel of streamend met tergend trage wifi. Geen kampvuurgeroezemoes met knapperend vuur, maar het gezoem van aggregaten en het getik van regen op het dak.

Volhouden dat het leuk is

Nederland is massaal aan de camper gegaan, maar nu blijkt: je kúnt wel gaan en staan waar je wilt, zolang je dat maanden van tevoren hebt geboekt. Mét vergunning. Sommigen zullen steeds vaker terugverlangen naar de ouderwetse hotelvakantie. Al zouden ze dat nooit toegeven, want na een vakantie is iedereen louter positief; echt iedereen heeft een geweldige tijd gehad.

We houden onszelf voor dat het avontuur en de vrijheid nog bestaan. Maar misschien is dat het echte avontuur: volhouden dat het leuk is.

Ik hoop stiekem dat ik mensen hiermee ertoe aanzet hun camper te verkopen. Misschien krijgen we zo de vrijheid terug die we ooit zo idealistisch zochten – echte vrijheid, zonder vergunningen, regels en reserveringen.”


Bron:

Archives

VIPosts

0 Comments

Submit a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Pin It on Pinterest